“Hopelijk vinden mensen rust in mijn werk”

Verweerd hout op het strand, verroest metaal, de seizoenen die komen en gaan. Maartje Blans ziet schoonheid en kracht in de vergankelijkheid van het leven. Na een jarenlang verblijf in New York en Beijing heeft ze nu een atelier te Haarlem. In haar werk toont Maartje haar fascinatie voor licht en schaduw, leegte en kwetsbaarheid. “Kunst scheppen die alle culturen aanspreekt, dat vind ik mooi.”

Langs een drukke weg in de Waarderpolder ligt het atelier van Blans (1975). Ze is de enige kunstenaar in het rijtje gebouwen. Vrachtwagens rijden af en aan en een machine van de nabij gelegen schrootverwerker bromt monotoon. De herrie om haar heen doet haar weinig. Door de periode in China is ze gewend zich voor geluiden af te sluiten. Haar basis ligt in haar ouderlijk huis vol filosofische boeken en een prachtige tuin. Maartje maakt nog steeds kunst in de lijn van haar vroegere werk als beginnend kunstenaar.

Blans geheel gekleed in het zwart, gaat voor de trap op. Haar atelier is schoon en geordend. Een grote koepel in het dak zorgt voor daglicht. Op de grond staat een ton met rietpluimen en langs de muur een karretje met potten verf en kwasten. “Wanneer ik creëer, heb ik chaos om me heen en laat me leiden door het materiaal dat er ligt. Aan het einde van de dag ruim ik altijd mijn atelier op. Het is fijn om de volgende dag op een nette werkplek te komen. Daarnaast werk ik veel met witte doeken en daarom moet het wel schoon zijn.”

Kan jij je werk benoemen?

“Ik maak voornamelijk installaties en materieschilderijen. Met gelaagde werken op hout, glas of doek, schep ik ruimte. Mijn installaties krijgen door de schaduwwerking gelaagdheid. Afhankelijk van waar je staat en de lichtinval, ervaar je verschillende dieptes. Bij mijn materieschilderijen breng ik meerdere lagen papier aan op het doek of voeg stro, draad en takken toe. Zo krijg je letterlijk reliëf. Ik gebruik zand, verf en zelfs meegenomen as uit mijn kolenkachel in China. Door er met een penseel in te krassen ontstaat beweeglijkheid en door de verschillende verflagen ontstaat gelaagdheid. Ik ben gefascineerd door het aanbrengen van lagen, ze weg te halen en weer opnieuw aan te brengen.”

“Mijn werk bevat steeds dezelfde thematiek, vergankelijkheid. Het is mooi hoe dingen vergaan maar ook weer opkomen. Zoals de seizoenen, ze zijn tijdelijk maar ook eeuwig. Ik zie daar de schoonheid en de kracht van kwetsbaarheid in. Hopelijk vinden mensen rust in mijn werk en kunnen ze in de gelaagdheid zelf iets ontdekken. Mijn kunst is meestal zonder titel, de kijker kan zelf invullen wat het voorstelt.”

Maartje loopt naar een groot houten paneel op een ezel. Aan spijkers hangen zwart ingekleurde figuren, ze ogen fijntjes. Ze kantelt het doek naar voren waardoor de werkjes bungelen. “Door zonlicht of een spotje ontstaat er een hele sterke schaduwwerking. Het zijn eigenlijk kwetsbare figuren, maar ze ogen krachtig, met name door het zwart van de werkjes tegen de witte achtergrond. Ik hou van contrast.”

Waar haal jij je inspiratie vandaan?

“De natuur is voor mij een grote inspiratiebron. Mijn werken zijn vrij abstract, je ziet de natuur niet altijd duidelijk terug, maar er zijn zeker raakvlakken. De een ziet er een berkenbos in en de ander het riet langs de waterkant. Mijn installaties met draad en kunststof zijn geïnspireerd op voorbijdrijvende wolken en kabbelende beekjes, maar men mag er ook wat anders in zien. Mist, rook, bewegend water, zand dat opwaait, buigend riet, juist het voorbijgaande intrigeert mij.”

Zijn je jaren in Beijing van invloed op je werk?

“In China zagen de traditioneel geschoolde kunstenaars Chinese inktschilderingen in mijn kunstwerken. Zij zetten met één penseelstreek een flow neer, die in verhouding staat tot het wit op het doek. Dat heb ik ook in veel van mijn werken. In de leegte van het kunstwerk zit zo veel betekenis. De Chinezen vonden mijn kunst Boeddhistisch, maar dat ben ik helemaal niet. Je hebt natuurlijk altijd te maken met de kijker en de context van de plek waar je tentoonstelt. Dat vond ik leerzaam in China. Ook heb ik veel geleerd van nieuwe materialen als rijstpapier en inkt en ben ik groter werk gaan maken.“

Op tafel staan een vaas met takken en een Chinees bakje met daarop een blauwe draak. Maartje schenkt jasmijnthee en serveert bonbons op een schaaltje uit de door haar ontworpen servieslijn. Ze pakt een boek met foto’s van haar werk. Voorin staat een gedicht van Lucebert: ‘Visser van Ma Yuen’. Een tekst waar ze veel inspiratie uithaalt over wolken, vogels, golven en vissen. “Het is gebaseerd op een dertiende-eeuws Chinees schilderij, ik vind het een prachtig gedicht. Het is niet echt duidelijk wat er met de woorden bedoeld wordt, maar dat is juist zo mooi. De sfeer, het ritme en de suggestie raken je. Hier speel ik zelf ook graag mee. Ik wil dat de beschouwer iets ervaart in het werk, zonder dat ik zeg wat dat is. Dat kan een moment van verstilling zijn of van ontroering. Het is altijd mooi als mensen kalm, boos, verdrietig of blij worden van kunst. Toen ik 16 jaar was, had ik zelf een moment van verstilling bij een werk van Rothko. Ik kon het niet uitleggen, maar het gaf me rust en daar ben ik altijd naar op zoek in de natuur en in poëzie. Als ik kunst maak, ervaar ik het.”

Werk van Maartje Blans is te zien vanaf 6 april in Galerie de Kapberg in Egmond aan den Hoef. Atelierbezoek is mogelijk op afspraak. www.maartjeblans.nl

Tekst: Meta van der Meijden /  Fotografie: Debbie Saul Dit artikel is eerder gepubliceerd in de 55e editie van de Haarlemse Stadsglossy.

1 antwoord

Trackbacks & Pingbacks

  1. […] groot interview met een van onze deelenemers. Zo is recent geschreven over Marianne Lammersen en Maartje Blans. Het volgende nummer wordt nog even een […]

Reacties zijn gesloten.